Mijnenveger uit de Beemsterklasse

Er is van oudsher een hechte relatie tussen de Koninklijke Marine en de koopvaardijschepen in Nederland. Veel zeelieden hebben bij beide instellingen gewerkt of hun opleiding daar genoten. Eén van de taken van de Koninklijke Marine is het beschermen van de schepen van de koopvaardij. Na de 2e Wereldoorlog lagen er veel gevaarlijke zeemijnen in onze kustwateren. Het lag voor de hand dat de Koninklijke Marine dan ook na de bevrijding voortvarend aan het werk ging om deze mijnen zo snel mogelijk onschadelijk te maken voor een veilige vaart van de koopvaardijvloot (grote vaart en kustvaart), vissersvloot, marine en pleziervaart. De Nederlandse Koninklijke Marine en de Belgische Zeemacht werkten hierbij nauw samen op de Noordzeekust. Voor het onschadelijk maken van zeemijnen waren speciale schepen, mijnenvegers genaamd, nodig. Ook mijnenvegers uit Nederland hebben veel mijnen geruimd. De latere schepen uit de 'Beemsterklasse' waren de beroemde AMS'en en de schepen werden genoemd naar Nederlandse steden waarvan de naam met een B begon. De naam van de AMS 60 Bernisse was dus een logisch gevolg.

Zonder vrijwilligers en sponsors
geen varend schip

Door de inzet van gemotiveerde vrijwilligers wordt de AMS 60 Bernisse als schip in optima forma varende gehouden. Alle werkzaamheden aan boord worden door de bemanning zelf verricht met o.a. de onmisbare materiele- en financiele ondersteuning van betrokken sponsors. Ook bijdragen van donateurs geven de bemanning extra ruimte voor onderhoud. Gezien het, elk jaar, uitgebreide vaarprogramma is het schip een graag geziene gast op diverse maritieme evenementen.

 Monument status